Geschiedenis als struikelblok

toelatingstoets voor de pabo

Aspirant pabo-studenten zakken vaak op geschiedenis. Mbo’ers en havisten die de verplichte toelatingstoets moeten doen haken vaker af dan gewenst. Het aantal mbo’ers dat toegelaten wordt tot de lerarenopleiding neemt daardoor af. Afschaffen dan maar die toelatingstoets? ‘Nee, nooit doen!’ stelt Ton van der Schans van de Vereniging van Geschiedenisleraren in Nederland (VGN).

Kwaliteitsverbetering
De toelatingstoets geschiedenis is in 2015 ingevoerd, tegelijk met toetsen voor aardrijkskunde en natuur & techniek. Invoering van de toetsen paste bij de kwaliteitsverbetering van de pabo’s, die enkele jaren eerder was ingezet. Taal- en rekentoetsen voor eerstejaars moesten al voor een hoger niveau zorgen. Maar ondertussen waren docenten op de pabo nog steeds veel tijd kwijt met bijspijkeren van eerstejaars in andere vakken. De commissie voor de Kennisbasis, die een advies uitbracht over kennisinhoud en didactiek, stelde een ingreep in de instroom voor: een toelatingstoets vooraf. 

‘Het verhaal over de wording van Nederland blijft voor veel studenten heel complex’

Kennis en inzicht
De toelatingstoets geschiedenis is ontworpen door Cito in opdracht van de MBO Raad. Doelgroep: alle havisten en mbo’ers die naar de pabo willen en geen geschiedenis in hun pakket hebben. De vragen in de toets zijn afgestemd op niveau havo 3/mbo 4. Bij de samenstelling zijn de makers uitgegaan van de 10 tijdvakken in de Canon van Nederland.
Grootste uitdaging: de combinatie van kennis en inzicht. Arie Vonk, projectleider instroom pabo bij uitvoeringsorganisatie 10voordeleraar: ‘Geschiedenis is ook een verhaal wat je vertelt over de wording van Nederland en de inrichting van het land. Dat verhaal is voor sommige studenten een grote eyeopener, maar het blijft heel complex.’
Ton van der Schans beaamt dat: ‘De nadruk ligt op kennis, maar er wordt wel inzicht gevraagd. Aspirant-pabostudenten moeten bijvoorbeeld de plattegrond van een middeleeuwse kathedraal kunnen herkennen of de maquette van een Romeinse legerplaats kunnen dateren.’

Onderschatting
Waar hebben de aspirant pabo-studenten nu vooral moeite mee?
Dagblad Trouw schreef begin augustus dat vooral de vragen over de vroege middeleeuwen problemen opleverden. Van der Schans: ‘Dat is echt een Broodje-Aap verhaal! De toetsvragen zijn gemaakt en gevalideerd door Cito. De vragen zijn exact verdeeld over de tien tijdvakken en de vragen over oudheid en middeleeuwen worden niet per se slechter gemaakt dan vragen over andere tijdvakken.’
Vooral mbo’ers die lang geen geschiedenis hebben gehad, gaan de mist in met vragen over het vaderlandse verleden. ‘Er is ook sprake van een zekere mate van onderschatting,’ stelt Arie Vonk. ‘Ze denken vaak dat ze het wel weten. Maar dan kom je er niet met toepassings- en inzichtvragen. Terwijl je de toets kan halen als je je goed voorbereid.’
Als je de toets maakt valt inderdaad op hoe afgewogen de vragen zijn. Je hebt er feitenkennis voor nodig, maar je moet vooral aandachtig lezen en goed nadenken. Bijvoorbeeld over het gebruik van bronnen. Als een historicus iets nieuws over Michiel de Ruijter wil weten, is een maquette van diens vlaggenschip dan een goede bron? Of kan hij beter die zojuist ontdekte brief van de admiraal lezen? Dat antwoord hadden de meeste aspirant pabo-studenten hopelijk goed.

‘Het succespercentage van mbo-studenten aan het einde van het eerste studiejaar is gestegen’

Dalende instroom
Toch lijken aanpassingen nodig. Uit een evaluatie van alle toelatingstoetsen blijkt dat vooral mbo’ers met een migratie-achtergrond afhaken voor de pabo. In het evaluatierapport vooropleidingseisen pabo stelde ResearchNed dat het lastig was om vergaande conclusies te trekken over de toetsen. De eerste lichting afstudeerders die de toets hebben gemaakt komt pas dit kalenderjaar van de opleiding. Maar dat maakt de dalende instroom niet minder zorgelijk.
Arie Vonk tekent daarbij aan dat de instroom inmiddels weer bijna op het niveau is van voor 2015. ‘Vooral de uitval aan het eind van het eerste studiejaar is drastisch teruggelopen. Het saldo van de verlaagde instroom en de uitval is weer in balans: de instroom is aangetrokken en er vallen minder studenten uit. En wat opvallend is: het succespercentage van mbo-studenten aan het einde van het eerste studiejaar is gestegen.’ Wat studenten met een niet-westerse migratieachtergrond betreft: die vallen nu uit op de toelatingstoetsen maar vielen voorheen en masse uit tijdens het eerste jaar, stelt Vonk. Daar is dus nog werk aan de winkel.

‘Investeer in samenwerking met mbo-instellingen in de regio’

Landelijke ondersteuning
Welke verbeteringen van de toetsen zijn er mogelijk? ‘Een concrete stap kan zijn: intensivering van de landelijke ondersteuning,’ stelt Arie Vonk. Als projectleider instroom pabo organiseert hij de ondersteuning voor aspirant pabo-studenten. Twee keer per jaar staat hij ook zelf voor de groep om voeling te houden met het vak. ‘Het is geschiedenis in vogelvlucht,’ legt hij uit, ‘bedoeld om tekorten in kennis weg te werken. In 21/2 dag bereiden we de studenten zo gericht mogelijk voor op de
toets.’
‘Er zijn allerlei digitale programma’s om je voor te bereiden,’ vult Ton van der Schans aan, ‘maar persoonlijk contact met de aspirant-student over de leerstof is vruchtbaarder dan alleen digitale middelen.’ Investeren in samenwerking met mbo-instellingen in de regio kan lonen, benadrukt hij. ‘De pabo van Hogeschool Driestar scoort goed op de toelatingstoets,’ legt hij uit. ‘We hebben veel geïnvesteerd in bijspijkerprogramma’s en ik ben jaren achtereen naar mbo’s geweest om cursussen te geven en leraren bij te scholen.’ Voordeel voor de Driestar: de leerlingen komen voor het overgrote deel van het reformato-
rische Hoornbeeck College. Instroom van niet-westerse migranten heeft de opleiding niet.
Toch is intensiever optrekken met het mbo ook voor andere pabo’s aan te bevelen. Van der Schans: ‘Pabo docenten zouden op het mbo geschiedenis kunnen geven. Mbo docenten zijn nu eenmaal geen echte geschiedenis docenten. Ze zijn niet geschoold in de bijbehorende vakkennis; hebben andere deskundigheid.’ Wat het geschiedenisonderwijs betreft is op het mbo een ‘kwaliteitsslag’ nodig, zegt ook Arie Vonk. 

Voorlopig lijkt de toelatingstoets voor geschiedenis in de huidige vorm gehandhaafd te blijven. Uit het evaluatierapport van ResearchNed blijkt dat er onder studenten, docenten en directeuren van pabo’s draagvlak is voor eisen aan de poort. ‘Leraar is niet zomaar een beroep,’ stelt Arie Vonk. ‘Je moet eindverantwoordelijkheid kunnen dragen voor een klas.’ Ondanks het lerarentekort is het zinnig om vast te houden aan toetsing vooraf: ‘Er mag wat worden gevraagd van de leraar.’

(afbeelding: Mauritshuis Den Haag)

Voorbeeld toelatingstoets geschiedenis
Trouw: pabo-studenten struikelen over geschiedenis
Advies commissie kennisbasis geschiedenis
Vereniging van geschiedenisleraren


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s